Het is niet de eerste keer dat wordt gewerkt met twee delen: de begroting zelf, waarin alleen het bestaande beleid is opgenomen, en een apart deel met nieuw beleid waarvoor nog dekking moet worden gevonden. Ook is het niet nieuw dat er geen sluitende meerjarenbegroting ligt. Alleen het komende begrotingsjaar is sluitend; voor de jaren daarna is dat niet het geval. Dit is het gevolg van de herstructurering van het gemeentefonds per 2028. Het zogenoemde ravijnjaar, waarin de inkomsten uit het gemeentefonds fors dalen, hangt al enkele jaren boven ons hoofd en is nu voorzien voor 2028. De gemeente moet daarom een forse pas op de plaats maken. Concreet betekent dit dat in 2028 en de jaren daarna een tekort van circa € 5 miljoen moet worden opgevangen. Het college en de organisatie bereiden daarom een ombuigingstraject voor, dat in 2027 verder wordt uitgewerkt.
Het college stelt de raad daarom voor om geen ‘nieuw’ beleid op te nemen in de begroting. Het wil dat de raad zich volgend jaar beraadt op het gewenste zowel oude als nieuwe beleid en dit integraal afweegt tegen de noodzakelijke ombuigingen.
‘Nieuw’ heb ik tussen aanhalingstekens geplaatst, omdat volgens onze fractie in het deel voor nieuw beleid een aantal ontwikkelingen staat dat feitelijk voortzetting van bestaand beleid betreft en bovendien voldoet aan het criterium van het college dat het onomkeerbaar, onuitstelbaar of onvoorzien is. Deze ontwikkelingen hebben wij in onze bijdragen uitgelicht.
Uit de oordeelsvormende vergaderingen maken wij op dat de overige fracties, zowel oppositie als coalitie, het voorstel van het college steunen om nu een beleidsarme begroting vast te stellen en de andere ontwikkelingen volgend jaar in samenhang te beoordelen. Wij begrijpen dat de raad in de huidige financiële situatie twee keer moet nadenken voordat beleid in de begroting wordt opgenomen dat leidt tot structurele, meerjarige lasten. Dat betekent immers dat elders moet worden bezuinigd, naast de ombuigingen die hoe dan ook nodig zijn om het voorziene tekort op te vangen.
Tegelijkertijd zien wij voldoende mogelijkheden om het tekort op te vangen en durven wij ervoor te kiezen bepaalde zaken niet te doen of uit te stellen. De gemeente is financieel kerngezond en beschikt over voldoende reserves voor uitgaven die noodzakelijk zijn. De gemeente moet inwoners blijven ondersteunen wanneer zij dat nodig hebben, ook als andere plannen daarvoor moeten wijken. Voorkomen moet worden dat kwetsbare inwoners verder in de knel komen terwijl noodzakelijk beleid wel klaarligt, maar alleen de dekking nog niet is aangegeven.
Petra

