Er is ruime landelijke steun voor een vuurwerkverbod. Rechtse partijen wilden uitstellen. Ook tot na 2026. Partijen die ook in de Aaltense raad zijn vertegenwoordigd. (VVD en BBB). De landelijk leider van de VVD doet precies wat Raimond Smit (CDA) in zijn column aangeeft: op 1 januari meehuilen met de wolven in het bos. Maar wat gaan we nu doen? Ook daar geeft die column geen antwoord op. Laat de discussie maar starten.
Om te beginnen met dat mysterieuze “ze” in `ze pakken onze traditie af´
Dat is niet “Brussel”, niet “de Randstad” en ook geen schimmige elite met havermelk of “buitenlanders”. Het gaat hier om een democratisch besluit van het Nederlandse parlement, aangenomen door een ruime meerderheid van zowel de Tweede als de Eerste Kamer. En daar komt bij: ongeveer twee derde van de Nederlanders is vóór een verbod op consumentenvuurwerk. Dat heet geen dictatuur, dat heet representatie. Gelukkig wint niet altijd je onderbuikgevoel, ook al kan dat voor de Telegraaf lastig te verkroppen zijn.
Dan de traditie.
Vuurwerk is inderdaad oud. Alleen niet Nederlands. Het is ruim duizend jaar geleden uitgevonden in China, bedoeld om boze geesten te verjagen. Via handelsroutes en Europese hoven kwam het langzaam deze kant op. Het massale consumentenvuurwerk in woonwijken met dozen vol knallen voor de lokale Jumbo is vooral een fenomeen van de tweede helft van de twintigste eeuw en is flink toegenomen in zwaarte in de laatste jaren. Deze “Nederlandse traditie” is ongeveer zo oud als de afstandsbediening.
Als dat “onze traditie” is, dan is de Vietnamese loempia van de kraam op het dorpsplein dat ook. En eerlijk is eerlijk: die heeft in de afgelopen decennia minder vingers gekost.
En dan nog even dit gedachte-experiment.
Stel dat je vandaag een nieuw nationaal feest zou willen introduceren. Een feest waarbij jaarlijks meer dan duizend mensen op de spoedeisende hulp belanden, honderden worden opgenomen, kinderen blijvend letsel oplopen, minstens twee mensen overlijden, tientallen miljoenen euro’s aan schade ontstaan, een enorme politiemacht nodig is en hulpverleners structureel worden belaagd. Waarbij dieren en jonge kinderen doodsbang zijn en de natuur het onderspit delft. Een feest dat door buitenlandse media steevast wordt omschreven als een tijdelijk oorlogsgebied.
Zou je dan denken: hé top! Goed idee, dit gaat vliegen?
Dat dit alles inmiddels als “normaal” voelt, zegt minder over traditie en meer over de mensen die willen vasthouden aan dit bizarre fenomeen.
Tot zover een boodschap van een zekere Norbert Schotte op linked-in. Wat gaan we nu in de gemeente Aalten doen?
In elk geval tijdig nadenken en de discussie straten. Bijvoorbeeld een limiet stellen aan het aantal vergunningen voor carbid schieten. Voorrang geven aan die groepen die iets gezelligs voor iedereen toegankelijk er aan koppelen. Inventariseren bij verengingen wie in is om vuurwerkshows te organiseren. Ook limiet stellen (fijnstof, dierenleed!). Langzamerhand uitfaseren. Prijsvraag voor alternatieven. We zullen langzamerhand de zgn. traditie moeten gaan ombuigen naar andere gewoonten. Is trouwens met roken in cafés ook gebeurd.
foto uit De Gelderlander (niet in de gemeente Aalten)

